Ik matchte met een vrouw op Tinder

Het was een vrijdag in augustus. De dertiende om precies te zijn. De uitgelezen dag om goede beslissingen te maken.
Ik zat te bellen met een vriendin. Zoals eigenlijk altijd, kwam het onderwerp uit op de waardeloze dates met mannen. Hoe ze je zo kunnen laten zitten. Of dat ze na een paar gesprekken ineens geen fatsoen meer lijken te hebben (of direct al!!!).

Ik ben nu bijna 4 jaar vrijgezel. De eerst periode had ik niet zo’n behoefte aan dates.
Daarna kwamen wat losse flodders, een ‘net-wel-net-niet’ relatie van een aantal maanden en toen ontelbare teleurstellingen. Tussendoor heb ik ook wel eens een ‘pauze’ ingelast. Ik was het zo beu en eigenlijk had ik ook wel genoeg aan mezelf.

Zoals ik in mijn Tinderen voor Tinderen verhaal al schreef, is het niet dat ik ongelukkig ben, alleen. Maar ik zou het toch wel leuk vinden iemand te leren kennen waar het leuk mee klikt. Gelijk in het diepe duiken hoeft niet. Als de intenties maar juist zijn.
Uit eindelijk wil ik wel iemand vinden waar ik mijn leven mee kan delen. Samen gelukkig zijn. In plaats van alleen.

Na de klaagzang over die waardeloze mannen kwam mijn biseksualiteit ter sprake.
Ik heb nog nooit met een vrouw gedatet, terwijl ik me wel tot ze aangetrokken voel.
Ik heb vroeger wel eens dronken met vrouwen staan zoenen in de kroeg. En heb ook heus wel eens een beetje zitten vozen in diezelfde toestand.
Maar echt daten met een vrouw. Stond ik daar voor open? Zou ik een relatie met een vrouw kunnen hebben? Of was het alleen de fysieke aantrekking?

Ik besloot mijn Tinder-instellingen ter plekke aan te passen. Ik ga het gewoon proberen.
Als ik het niet probeer dan weet ik zeker dat het nooit wat zou kunnen worden. Dan kreeg ik nooit antwoord op mijn vragen.

Ik swipete wat. Voornamelijk naar links, zoals altijd. Tot nu toe niet veel anders dan ‘normaal’.
Ik kwam wat leuke vrouwen tegen waar ik me wel voor open wilde stellen. Al zou het puur vriendschappelijk zijn.
Na een tijdje raakte ik het beu en legde mijn telefoon aan de kant. Kut Tinder.

Bzzt Bzzttt!!! Je hebt een nieuwe match!
Een match met een vrouw. Een match met Saskia. En wat is ze mooi!
Mijn hart begon wat sneller te kloppen en merkte aan mezelf dat ik er stil van werd.
Wat moet ik nu? Moet ik wat zeggen? Wacht ik tot zij wat zegt? HELP!!

Ik appte die vriendin. Ik wist echt niet wat ik nou moest doen. En wat ik met die gevoelens moest die ineens naar boven kwamen.
Ze moest lachen. Het moet ook wel grappig zijn om te zien hoe ik van de leg raak door te matchen met een vrouw.
Maar het was niet zomaar een vrouw. Zij is Saskia. En ze is zo mooi!

Ik had dit nog nooit zo ervaren. Wat nou als ik wat stoms zeg? Dan unmatched ze me!! Ik kan dat niet laten gebeuren!!
Wacht ik toch totdat zij wat zegt? Maar misschien praten we dan wel nooit!

Ik trok de stoute schoenen aan en ik zei: Hey there! 🙂
Wat een ontzettende kut groet om een gesprek mee te openen!!! WAT HEB IK GEDAAN?!

Wat nou als zij het is? Die iemand waar ik mijn leven mee kan delen. Die iemand waar ik samen gelukkig mee kan zijn. In plaats van alleen.
Heb ik mezelf dan zo voor de gek gehouden met die mannen? Of kom ik er op deze manier achter dat het daten met vrouwen net zo kut is?
Ik weet het niet. Maar ik wil het wel proberen. Ik heb tenslotte niets te verliezen!

De zin van het leven

Ik ben het resultaat van twee mensen, die in augustus 1989 seks hadden. Negen maanden later zag ik, op 21 mei, het levenslicht.
En dan…

De eerste hapjes, stapjes, een broertje erbij. Naar school, nog een school en nog een school. Tussendoor nog de scheiding van mijn ouders. Een hoop stress, van mama naar papa en weer terug. Nieuwe relaties, zelf de liefde ontdekken en voelen wat een gebroken hart is. Ouder worden, het huis uit, een baan vinden. Feestjes, vrienden, lachen, gieren, brullen… maar ook tranen van verdriet. Er zijn natuurlijk veel meer dingen gebeurd in die tijd, niet altijd even leuk. Maar is dit bedoeld, of is het toeval?

De gebeurtenissen in mijn leven hebben mij gevormd tot wie ik nu ben. Zo zie ik het dan. Eén andere beslissing en het had heel anders kunnen lopen. Mijn beslissing, of die van een ander. De wind die net de andere kant op stond. Of misschien geraakt zijn door de bliksem.

Wat zou er dan anders zijn? Zou ik mijn eigen haarkleur nog hebben? Of misschien was ik dan wel een #fitgirl. Als ik nou nooit gestopt was met paardrijden, zou ik dan nu een professionele amazone zijn? We zullen het nooit weten.

Zo zal ik ook nooit weten wat de toekomst mij zal brengen. Wat ik vandaag weet, kan morgen heel anders zijn. Een nieuwe liefde ontmoeten, de loterij winnen… of misschien word ik wel nooit meer wakker. Dat laatste is een wat morbide gedachte. Toch spookt het regelmatig in mijn hoofd. Wat nou als ik er morgen niet meer ben? Wat zou ik dan vandaag nog doen?

Uiteindelijk gaan we allemaal een keer. Maar wat we in de tussentijd doen, hebben we voor een groot deel zelf in handen. Dus mijn advies aan mijzelf voor een zinvol leven:

Heb lief, vergeef, doe, denk en speel. Wees creatief, soms naïef, lach, huil en wordt ook maar eens boos. Wees impulsief, maar ook bedachtzaam.
Laat niet met je sollen, maar geef ook eens het voordeel van de twijfel. Hoor, zie en zwijg. Wees sociaal, maar ook lekker op jezelf.
Mediteer, inspireer en laat je inspireren. Doe wat goed voelt en zeg ook eens nee. Houdt de balans, jezelf in evenwicht. En vergeet niet voor jezelf te zorgen, want van jou is er maar één.

Tinderen voor Tinderen

Wat is het toch een verschrikkelijk fenomeen: online dating. En toch zit ik keer op keer weer op al die klote apps te swipen, of op een kruisje of hartje klikken. Een superlike, crushes, matches, flash notes…. Tinder, Happn, Inner Circle en zelfs Facebook heeft tegenwoordig een dating app.

Ik doe het vaak ook uit verveling. In plaats van dat ik een boek ga lezen of nuttige dingen doe, ga ik een uur zitten swipen. Links is kut en rechts is leuk. Ik swipe vaker naar links dan naar rechts. En dan denk ik dat ik kritisch ben over wie ik dan wel naar rechts swipe. Uit eindelijk blijkt dat ook weer tegen te vallen. Heb je een leuk gesprek, geef je je nummer.. en het eerst wat je krijg is een foto van hun trots. Ja, dat ding.

‘Ja, ik wilde mijn trots met je delen!’. Alsof het allemaal draait om die zwanenhalsmossel. Mafkees. Nee, trots associeer ik met behaalde doelen. Betekenisvolle mijlpalen. Niet met een foto van je leuter. En dan verwachten ze ook nog dat je het komende uur het spel mee gaat spelen en er wel even voor gaat zorgen dat ze door het schermpje heen aan hun trekken gaan komen.

Ik ben er echt niet vies van. Seks is voor mij best belangrijk en absoluut geen taboe om over te praten. Maar dan wel smaakvol. Ik zit ook niet op die apps voor een vlug pleziertje. Daar help ik mezelf wel mee. Met dank aan George Taylor. Dat nota bene een man de vibrator heeft uitgevonden is ook wel een giller.

Maar zo af en toe zit er wél een serieuze man tussen. De ene keer komt het wel van een date, de andere keer klikt het toch niet zo. En die dates zijn de ene keer leuker dan de andere. En wanneer je na een aantal dates denkt dat het de goede kant op gaat, komt er weer een reden waarom het wordt afgekapt. Wéér een deceptie!

Ik ben in mijn eentje ook gelukkig, laten we daar duidelijk over zijn. Maar samen is toch leuker. Verliefd worden, leuke dingen doen, samen eten, de lange werkdag even doorspreken… En al die andere dingen. En natuurlijk zal het ook wel eens minder leuk zijn, maar dat hoort er bij.

Ik deel bovenstaand leed met een goede vriendin van mij. Zeker een paar keer per week lopen we te klagen tegen elkaar over hoe waardeloos de vangst weer is. ‘There are plenty of fish in the sea’ zeggen ze dan. Wij vangen alleen maar zeekomkommers, adders en kogelvissen. Die laatste blaast op wanneer je te dichtbij komt. Als je niet oppast spuiten ze wel nog wat vergif in voordat ze weg zwemmen.

We behoeden elkaar ook voor slechte keuzes. Nou ja, ik haar meer dan zij mij. Ik ben wat harder in mijn keuzes. Als ik er een slecht gevoel over heb dan ben ik er heel snel klaar mee en zij loopt dan nog aan te kloten, soms nog weken achter elkaar. Gelukkig kunnen we er ook om lachen. Die sukkels weten niet wat ze missen met ons!!

roze

Ik heb er eigenlijk altijd een hekel aan gehad. Ik sta er bijna om bekend om een afkeer te hebben tegen deze kleur en ik schreeuw het nog net niet van de daken.
IK HAAT ROZE!
Echt een reden heb ik nooit kunnen bedenken. Misschien is het wel de associatie met het vrouwelijk geslacht.
De kleur van schattig zijn. De kleur van Barbie. Hartjes, wolken, brillen, meisjes en cupcakes. Cute! ^-^

Ik heb mij nooit een meisje meisje gevoeld. Ik hou van voetbal, drink bier, ga goed op mooie en snelle auto’s, heb een hekel aan ‘shoppen’ en stiekem voel ik mij aangetrokken tot vrouwelijk schoon.
Stiekem is een groot woord, want het is niet dat ik er een groot geheim van maak. Maar mannen houden bij mij de voorkeur. Snap je ook niet, he?

Make-up, gelakte nagels, romantiek en bloemen vind ik fantastisch! Maar roze… dat blijft toch wel een dingetje.
Het liefst draag ik zwarte kleding, of neutraal. Mij zal je er niet snel op betrappen iets roze aan te trekken, tenzij het toevallig de kleur van een bloem in de print is. Verstopt.
Maar toch heb ik mijzelf er regelmatig op betrapt de kleur in mijn make-up te verwerken. Het staat ook heel mooi bij mijn ogen. En toen ik gister mijn nagels lakte was de kleur toch meer roze dan beige en vond ik het eigenlijk best mooi.
Als mensen er dan een opmerking over maken zeg ik wel dat ik eigenlijk een hekel aan die kleur heb. Of als ik een foto op Instagram plaats met roze make-up zet ik met grote letters ‘I HATE PINK’ in de caption. Dan kan niemand mij daar op pakken.

Maar ik heb tieten en een vagijn. Dus ben ik roze. Toch?
Haat ik dan ook wie ik ben? Of is mijn aversie voor de kleur roze alleen maar een projectie van mijn onzekerheid en vastberadenheid niet te willen zijn zoals de rest van de vrouwen?

Georganiseerde chaos

Ik ben een chaoot. Dat zal ik nooit ontkennen. Ik doe 100 dingen tegelijk en maakt zelden echt iets af.
Misschien 20% van de projecten die ik start zijn ook daadwerkelijk succesvol. De rest blijft bij een opstart of soms zelfs alleen maar een idee dat ik opschrijf.

Ook de dagelijkse dingen gaan eigenlijk maar half bakken. Douchen, maar dan niet mijn haren föhnen. Koken, maar dan niet de boel opruimen. De was doen, maar dan niet opvouwen.
Met als gevolg dat ik met natte haren naar bed ga, een zooi in de keuken en een week of twee mijn kleding uit de wasmand plukken in plaats van uit de kast.

Af en toe maak ik mijzelf kwaad. Dan wil ik dingen afmaken. Dan ga ik opruimen, doe ik alles zoals ik in mijn hoofd vind dat het moet en föhn ik zelfs mijn haren na het douchen. Mijn huis ziet er uit alsof het een foto in de VT wonen is, bijna dan. Ik hou dit ongeveer drie dagen vol. Drie dagen. What the fuck?!

Die chaos werkt voor mij ook prima. Ik woon immers alleen dus er is niemand waar ik me aan hoef te verantwoorden, behalve aan mijzelf. Ik weet precies waar dingen liggen en als ik het niet weet dan weet ik wel waar ik moet zoeken. Het komt ook zelden voor dat ik dingen kwijt ben.

Toch voel ik me alsof ik heb gefaald als mens. Ik doe het niet zoals het hoort. Ik ben niet perfect en ik presteer eigenlijk zelden wat. Gek wel, dat ik dat nu zeg. Je zou dat eigenlijk pas kunnen beoordelen als je leven compleet is. Nou ja, laat dit dan mijn periodieke beoordeling zijn. Een 5,4. Net geen voldoende.

Ondanks dat die chaos voor mij ook werkt, is dat voor mij nog niet goed genoeg. Ik kan beter. Dat weet ik zeker. Want eens in de zoveel tijd gaat het drie dagen goed. Waarom kan het dan niet 365 dagen, in een jaar? Of 366 bij een schrikkeljaar? Waarom kan ik niet voldoen aan mijn eigen verwachtingen? Zijn die verwachtingen niet realistisch en haalbaar? Eis ik teveel van mijzelf?

Op mijn werkt gaat dat een stuk beter. Al mijn mails worden gecategoriseerd, archiveer afgehandelde zaken, heb een duidelijke mappen structuur en heb overzicht over alles wat er speelt.
Ik doe nog steeds 100 dingen tegelijk, maar weet ook hoe ik prioriteiten kan stellen.
Waarom kan ik die structuur niet aanbrengen in mijn privé leven?

Eigenlijk weet ik het antwoord op alle bovenstaande vragen wel. Maar onzekerheid heeft de macht. Twijfel neemt het over. Want uit die antwoorden ontstaan ook weer vragen. Die ik dan weer wil beantwoorden. It’s a never ending story. Chaos. Maar dan wel georganiseerd.

Adem in, adem uit. Ik ben goed zoals ik ben.

ochtend routine

Het is 6.45. Mijn wekker gaat. Ik hoor het wel, maar ik probeer het geluid te verdringen.
Ik wil nog heel even slapen. Please?
De wekker gaat maar door, dus ik besluit er toch maar uit te gaan. Bovendien was mijn blaas het eens met mijn wekker.
Ik moest er uit.

‘Hey Google! Stop alarm!’
Ik sla de dekens van me af, pluk een shirt van de grond, trek het aan en loop naar het toilet.
Nog half slapend vouw ik vier stukjes toiletpapier op. Vier, want dat is meer dan genoeg vind ik zelf.
Ik veeg me af, trek mijn onderboek over mijn kont en loop zonder mijn handen te wassen naar de keuken.

Koffie is het antwoord. Daar word ik wel wakker van.
Het is niets meer dan een gewoonte, dat koffie drinken. Een sterke bak. Zwart.
Ik vind het heerlijk. Die geur van een net gezet bakje koffie. Een gevoel van euforie komt in mij naar boven als ik dat bakje koffie zet.
Dat zelfde geldt overigens voor de peuk die ik tijdens het zetten van de koffie op steek. Lekker!

‘Hey Google! Zet de TV aan!’
RTL4. Het ontbijt nieuws. Nog zo’n gewoonte die ik in de loop der jaren heb ontwikkeld.
De zachte stem van Jan de Hoop, die altijd een leuk grapje weet te maken. Dat maakt het nieuws toch een stuk draaglijker.
Zeker op de vroege morgen.

Ik druk mijn peuk uit en drink mijn koffie op. Nu denk je vast dat ik gelijk naar de badkamer loop om mijn tanden te poetsen en me aan te kleden. WRONG!
Ik loop nog eens naar de keuken. Nog een bak koffie. Want daarna kan ik pas functioneren.
Dat heb ik mezelf ook maar aangepraat natuurlijk. Maar het is een gewoonte, dus ik hou mij daar aan vast.
Nog een peuk. Ik ben op dit moment nog niet eens een half uur wakker.

Terwijl Jan de Hoop de zoveelste herhaling van het ontbijt nieuws presenteert, scroll ik door mijn telefoon.
Facebook, Instragram, Tinder. Doelloos. Ik neem niet eens in me op wat ik nou eigenlijk heb gedaan.
Like, like, like. Swipe, swipe, swipe.

Koffie op, peuk uit. Drie kwartier verder en nog niks voor elkaar gekregen.
Ik schaam me ervoor. Niet tegenover anderen maar tegenover mijzelf.
Waarom kon ik niet gewoon, net zoals alle andere grote mensen, direct in actie komen?
Wakker worden, pissen, douchen, tanden poetsen, aankleden, koffie pakken en de deur uit.
Ik zou wel willen hoor, maar ik zou niet weten hoe.

31 jaar. En nog steeds een ochtendroutine van een student. Al denk ik niet dat studenten hun wekker om 6.45 zetten.
Maar dat is een aanname. Die zullen er heus wel zijn.

Ik sta op van de bank, zet nog een bak koffie en loop naar de badkamer.
Mijn mascara van gister zit nog op mijn gezicht. Gezicht ja, niet meer alleen op mijn wimpers.
Met een make-up doekje veeg ik rondom mijn ogen de verlopen mascara weg.
Mijn wimpers zien er nog goed uit, dus ik besluit er niks meer aan te doen.
Ik haal een borstel door mijn haar een maak dezelfde knot als die er een minuut geleden in zat.

Even een washandje dr over, oksel-fris. En voor de vorm spuit ik nog wat parfum op.
Ik kijk verdrietig naar de ongevouwen schone was in de wasmand in mijn slaapkamer. Kan ik hier wat uit halen?
Dan hoef ik dat niet meer op te vouwen. Wel zo makkelijk.
Een zwart shirt en een zwarte broek. Top! Lekker uni.

Ik loop naar de keuken, mijn koffie is inmiddels lauw dus drink het achter elkaar op. En ik zet een nieuwe.
Peuk. Ik wil een peuk. Daarna kan ik pas verder.
Met die peuk in mijn mond en koffie in mijn hand loop ik naar mijn bureau.
Thuis werken. A blessing and a curse.

Ik start mijn laptop op en ik begin. Het is inmiddels 8.00 uur.

Ik ga weer schrijven

Schrijven ligt me wel. Al zeg ik het zelf. Ik hoor het ook wel eens van anderen.
Gister schreef ik een stuk en stuurde het door naar vrienden.

‘Babe. Dit leest weg als het eerste hoofstuk van een super goed boek.’ en ‘Mel, je hebt talent met schrijven. Waarom zet je dit niet op een blog?’.
Maar ook ‘Dit is zoooo mooi geschreven.’ is een opmerking die ik kreeg.

Ik wilde dit al langer. Een doel. Een plek om al mijn troep op te schrijven.
Wordt schrijven mijn passie? Komt er misschien ooit een keer een boek?
Die druk wil ik mezelf nog niet opleggen, maar dit is een mooi begin. Een nieuwe hobby. Hernieuwd dan wel.

Hernieuwd, ja. Ik schreef al eerder op mijn blog The Saxo and Me. Ik begon dat blog in 2016.
Voornamelijk uit verveling. Ik raakte mijn baan kwijt en ondanks de ontelbare sollicitaties leek het mij maar niet te lukken om een baan te vinden.
Ik schreef er over sollicitatie frustraties, eten, drinken, dingen die ik deed.
Maar inmiddels ben ik 5 jaar verder. 5 jaar wijzer. 5 jaar grijzer.

Dat blog nieuw leven in blazen is om meerdere redenen géén goed idee, dus is het tijd voor iets nieuws.
Dirty Sink. Alle vuiligheid door de gootsteen spoelen. Mijn nieuwe blog. Met mijn troep.
De troep die normaal alleen in mijn hoofd zit, of soms naar buiten komt in gesprekken met vriendinnen.
Al die troep komt op het web. Nou, niet echt alles hoor. Sommige dingen zijn beter af in alleen mijn hoofd 😉

Hoe ik hoe op de naam kwam is een vaag verhaal. December 2020. De zoveelste kerst alleen. En als je dan ook nog in lalalockdown zit, doet dat rare dingen met je. Dat blijkt maar weer.
Ik had een lekker maaltje voor mezelf gekookt. Met champignonsaus. Het was heerlijk!
Natuurlijk had ik saus in overvloed, en ik vond het wel een goed idee het restant in de gootsteen te gooien.
I know, in de WC was een beter idee geweest.

Met veel heet water en zeep kreeg ik die saus nog wel door de gootsteen. Maar de champignons bleven mooi in het zeefje hangen. De textuur van champignons trek ik niet zo goed. zacht, sponzig… ik krijg de rillingen als ik dit schrijf!
Maar die champignons moesten wel uit t zeefje. Uit de gootsteen.
‘DIRTY SINK!’ schreeuwde ik tegen mezelf (ja, die lockdown he).

Dirty Sink. Met de champignons in het zeefje bedacht ik me dat je echt niet alles weg kunt spoelen. Dingen blijven hangen. In je hoofd. En zelfs in een zeefje.
Is dit de naam van mijn nieuwe blog? Ik schreef het op mijn krijtbord om het vervolgens maanden te negeren.
Maar nu is het klaar. Ik ga het doen. Schrijven. Over alles wat de zeef niet doorkomt, maar wel in de gootsteen terecht komt.


Die gootsteen is mijn hoofd.